Tafelmanieren tijdens het groepsgesprek .
Gespreksleiding: een van de deelnemers, in overleg aan te wijzen. Als er nieuwkomers zijn, memoreert de gespreksleider de spelregels als volgt:
"We zijn hier in een groep met uitsluitend mensen die zelf een oplossing zoeken voor hun eigen verslavingsprobleem, en een manier om in vrijheid verder te leven; er zijn geen buitenstaanders aanwezig.
Straks vraag ik om een onderwerp; het kan soms even duren maar iemand noemt een vraag of een probleem. Samen bepalen we het onderwerp voor vanavond.
Dan vraag ik wie er wil beginnen. Als de eerste uitgesproken is, komt de volgende en zo volgt de hele kring. We spreken over onszelf, uit onze eigen ervaring. Je mag afwijken van het onderwerp.
We onderbreken elkaar niet, er is geen discussie, we hebben geen kritiek op elkaar, we adviseren elkaar niet. Agressie, fysiek of verbaal, is niet toegestaan.
We hebben met elkaar afgesproken dat iemand zwijgt als hij vandaag heeft toegegeven aan zijn verslaving. Maar er is geen plicht om te spreken. Als je liever luistert dan kan dat; we denken dan niet dat je vandaag aan je verslaving hebt toegegeven.
Wat aan tafel wordt gezegd, blijft ook aan tafel. We moeten kunnen rekenen op veiligheid in de groep.
Wie voor het eerst een groep bezoekt, wordt even overgeslagen en krijgt als laatste gelegenheid om iets te zeggen.
Degene die het onderwerp voorstelde mag het afsluiten.
Daarna sluit ik de avond.
Hier op tafel staat een pot. Na het gesprek draagt iedereen wat bij in de kosten. Er is geen vast bedrag, je betaalt naar eigen inzicht." |